03 jun Van BMIP naar WIN-punten: wat Brabant leert over effectieve ondersteuning van arbeidsmigranten
Arbeidsmigranten zijn van groot belang voor de Nederlandse economie en arbeidsmarkt. Tegelijkertijd bevinden ze zich regelmatig in een kwetsbare positie op het gebied van werk, huisvesting, zorg, taal en toegang tot publieke dienstverlening. Goede, laagdrempelige en betrouwbare informatievoorziening is daarom essentieel. In Noord-Brabant kreeg deze opgave concreet vorm in de pilot Brabantse Migratie Informatiepunten, kortweg BMIP. In deze pilot werkten provincie Noord-Brabant, het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, gemeenten en regionale partners samen aan nieuwe vormen van informatie, advies en dienstverlening voor EU-arbeidsmigranten. Aranco stond mede aan de wieg van de Brabantse Migratie Informatiepunten en was betrokken bij de opzet, uitvoering, monitoring en evaluatie van de pilot. Daarmee hebben we van dichtbij gezien welke keuzes in de praktijk bepalend zijn voor het succesvol organiseren van toegankelijke ondersteuning aan arbeidsmigranten.
Inmiddels wordt landelijk gewerkt aan Work in NL-informatiepunten, de zogenoemde WIN-punten. Daarmee is de Brabantse ervaring extra relevant: het gaat er niet alleen om dát er informatiepunten komen, maar ook hoe ze duurzaam, effectief en betrouwbaar kunnen functioneren.
Brabant als leeromgeving
De BMIP-pilot was opgezet als proeftuin. In verschillende Brabantse arbeidsmarktregio’s werd gewerkt met onder meer fysieke locaties, mobiele teams, digitale ondersteuning, meldmogelijkheden en aanvullende dienstverlening rondom wonen, werken en leven. Als onderdeel van haar opdracht bracht Aranco gedurende de looptijd van het initiatief zowel kwantitatieve als kwalitatieve inzichten samen. Daarbij is niet alleen gekeken naar aantallen bezoekers of meldingen, maar vooral ook naar de werking in de praktijk. Welke vragen stellen arbeidsmigranten? Worden de juiste doelgroepen bereikt? Hoe verloopt de samenwerking tussen gemeenten, werkgevers, maatschappelijke organisaties en uitvoerders? En waar ontstaan knelpunten in de dienstverlening? Deze lerende aanpak past bij de aard van de opgave. Een informatiepunt voor arbeidsmigranten is geen standaard loket dat eenvoudig kan worden uitgerold. Het raakt aan verschillende beleidsterreinen en vraagt om goede samenwerking tussen publieke, private en maatschappelijke partijen.
Belangrijkste lessen uit Brabant
De Brabantse ervaringen laten zien dat het succes van een WIN-punt niet door één factor wordt bepaald. Het gaat om de samenhang tussen positionering, samenwerking, bereik, vertrouwen, dienstverlening en sturing.
Een eerste belangrijke les is dat landelijke herkenbaarheid moet worden gecombineerd met regionaal maatwerk. Een landelijk kader zorgt voor structuur en samenhang, maar iedere regio kent een eigen arbeidsmarkt, doelgroep, netwerk en bestuurlijke context.
Daarnaast werkt een WIN-punt alleen goed als het onderdeel is van een breder ecosysteem. Gemeenten, werkgevers, uitzendorganisaties, zorgpartijen en maatschappelijke organisaties hebben allemaal een rol. Zonder goede ketenafspraken bestaat het risico dat het informatiepunt wel zichtbaar is, maar onvoldoende mogelijkheden heeft om mensen daadwerkelijk verder te helpen.
Ook vertrouwen blijkt cruciaal. Arbeidsmigranten bereiken vraagt meer dan een website, flyer of spreekuur. Vertrouwen ontstaat door aanwezigheid, herkenbaarheid, taal, continuïteit en aansluiting bij de leefwereld van de doelgroep. Mobiele teams spelen daarin een belangrijke rol. Zij bereiken arbeidsmigranten op plekken waar zij wonen, werken of samenkomen en moeten daarom worden gezien als een essentieel onderdeel van de dienstverlening.
Een andere les is dat veel vragen complexer zijn dan ze op het eerste gezicht lijken. Een vraag over loon kan bijvoorbeeld raken aan contract, huisvesting, zorgverzekering, registratie of afhankelijkheid van een werkgever. Daarom is een heldere afbakening tussen eerste lijn en tweede lijn nodig. Anders ontstaat het risico dat voorlichters vastlopen in complexe casuïstiek.
Tot slot laat Brabant zien dat monitoring meer moet zijn dan verantwoording achteraf. Data en signalen uit de praktijk zijn vooral waardevol wanneer zij worden gebruikt om dienstverlening, samenwerking en bereik tussentijds te verbeteren.
Relevantie voor nieuwe WIN-punten
De landelijke uitrol van WIN-punten brengt vergelijkbare uitdagingen met zich mee: governance en positionering, publiek-private samenwerking, keteninrichting, mobiel bereik, vertrouwen, capaciteit, borging en monitoring. Juist op deze thema’s biedt de Brabantse pilot waardevolle praktijkervaring waarmee regio’s veel voorkomende knelpunten kunnen voorkomen.
De kernles is dat een effectief WIN-punt niet ontstaat door alleen een loket te openen. Het vraagt om een betrouwbare plek, een sterk netwerk, duidelijke ketenafspraken, actieve doelgroep benadering en structurele borging. Voor regio’s die nu een WIN-punt inrichten of doorontwikkelen, bieden de Brabantse ervaringen concrete inzichten in keuzes die bepalend zijn voor succes op de langere termijn.
Aranco helpt organisaties en regio’s om deze inzichten te vertalen naar hun eigen praktijk. Doordat Aranco mede aan de basis stond van de Brabantse Migratie Informatiepunten en betrokken was bij de uitvoering, monitoring en evaluatie van de pilot, beschikken wij over concrete lessen, aandachtspunten en praktijkvoorbeelden die direct relevant zijn voor de verdere ontwikkeling van WIN-punten in Nederland.
Wilt u sparren over de inrichting, samenwerking of doorontwikkeling van een WIN-punt? Aranco denkt graag mee op basis van de Brabantse praktijkervaringen en lessen uit de evaluaties. Neem contact met ons op voor een gesprek over inrichting, samenwerking, monitoring en doorontwikkeling van uw WIN-punt. Bel met Arno Knoops, 06 42 77 20 30 of mail naar arno.knoops@aranco.nl.